Femmie heeft er de laatste tijd last van dat opmerkingen en gebeurtenissen haar nogal raken. Ze begrijpt niet hoe dit kan. Het is net of ze vroeger wat beter kon relativeren dan nu. Alles komt zo heftig binnen. Ze is nu alweer een aantal jaren hard met zich zelf in de weer om te ontdekken wie ze is en wat ze wil. Op haar geheel eigen wijze heeft ze flink aan haar eigen ontwikkeling gewerkt. Ze heeft het gevoel veel opener te zijn,  haar mening spreekt ze beter uit en ze komt tegenwoordig beter op voor zichzelf. Wat ze alleen nogal lastig vind, is dat doordat ze de dingen beter doorziet, ze zich ook alles wat meer aantrekt. Neem nu bijvoorbeeld haar zuster. Vroeger adoreerde Femmie haar. Haar zus was er altijd en nam een deel van de opvoeding en verzorging van haar moeder over. Haar oudste zus regelde heel veel zaken binnen het gezin. Vaak wist ze te bemiddelen en zorgde dat ieder gezinslid zich prettig voelde.  Maar de laatste tijd doorziet Femmie dat een deel van het gedrag van haar zus bestaat uit manipulatie. Femmie vindt het belangrijk dat haar moeder met de kerst niet alleen is en besluit dit met de broers en zus te overleggen. Zoals altijd neemt haar oudste zus het regelen al vrij snel over. Uiteindelijk heeft ze het zo geregeld dat Femmie en haar broer voor moeder zorgen en zij zelf met de kerstdagen geen familie afspraken heeft. Femmie besluit er wat van te zeggen, maar zus lief draait het direct om door te zeggen: ‘Hoezo klaag je nu? Het lijkt wel alsof je de kerst niet samen met moeder door wil doorbrengen. Je moet toch blij zijn dat jij de eerste kerstdag met moeder  door kan brengen.’ Door deze opmerking raakt Femmie volledig van slag. Ze vindt het gemeen van haar zus. Ze komt er steeds meer achter komt hoe haar zus dit doet en ze probeert zich er wel voor af te sluiten maar dat lukt niet echt. Vooral omdat ze de laatste tijd overal om zich heen mensen meemaakt die op dezelfde manier konkelen en bezig zijn met hun eigen belang. Femmie wordt er misselijk van.

Op een dag zit ze te kletsen met een spontane, verfrissende jongeman die net in haar team is komen werken. Zijn naam is Alex. Hij is open en ongedwongen. Ineens steekt ze haar hele verhaal af. Hij luistert en na haar relaas zegt hij:’ Volgens mij is je zuster niet veranderd en al die andere mensen ook niet. Ik geloof dat jouw ogen geopend zijn en de dingen die gebeuren nu beter kan zien.’  ‘Hoe bedoel je?’ vraagt ze. ‘ Je ziet nu heel scherp wat er gebeurt en hoe je zus handelt. Vroeger keek je met andere ogen naar je zus. Je zag alleen de positieve dingen. Dus zag je alleen datgene wat je wou zien. De rest kon je niet zien. Het probleem is dat je nu met een hele scherpe blik te veel focust op het negatieve. Je kijkt met een haviksblik en dat is waar je tegen aan loopt op dit moment.’ Femmie trekt haar wenkbrauwen omhoog en vraagt opnieuw:’ Hoe bedoel je dat?’ Alex legt uit dat ze een valkuil heeft gecreëerd door in plaats van de roze bril op te zetten, nu de haviksbril heeft opgezet. Hij vergelijkt het met een sterk vergrootglas waarmee je naar een gezicht kunt kijken. Het gezicht van zelfs de knapste persoon wordt dan een soort van maanlandschap. Hij stelt Femmie voor om zich af te vragen wat er gebeurt als ze wat meer gaat uitzoomen. Dus in plaats van de haviksblik met de ogen van een paard te gaan kijken. Paarden kijken niet gedetailleerd maar zien de hele omgeving. Ze kijken als het ware met zachte ogen.

Tijdens dit relaas vullen Femmie haar ogen zich met tranen. ‘ Ik denk dat ik het begrijp’, snottert ze ‘ik zie net als vroeger maar een klein deel van het hele spectrum. Ik mag ook de positieve kant van mijn zus niet vergeten. Alles hoort er bij, het mooie en minder mooie. Ik probeerde steeds maar mijn negatieve gedachten los te laten maar dat lukte me maar niet. Dat kon ook niet zolang ik door het vergrootglas bleef kijken.’ ‘Precies’, beaamt Alex ’je hoeft ook niks los te laten. Als je alles van een ander kunt zien vul je het gehele spectrum van diegene en ontstaat er evenwicht en dus neutraliteit. Je ziet een compleet mens met alle mooie en slechte kanten.’Femmie begint te stralen en realiseert zich dat ze nu ineens Alex ook heel anders ziet. Hij is meer dan alleen een jong en nieuw teamlid. Ze is stomverbaasd over zijn inzicht en levenswijsheid. Wie had dat kunnen denken? Ineens schaamt ze zich, want ze heeft best een aantal mensen om zich heen tekort gedaan met haar haviksblik. Ze besluit voortaan, naast haar scherpte, ook met zachte ogen te kijken om het hele spectrum van ieder mens goed te kunnen waarnemen.

Advertenties