You are currently browsing the category archive for the ‘Verhalen over mensen en organisaties’ category.

Fascinerend vind ik het hoe schijnbaar ingewikkelde zaken soms eensklaps helder en eenvoudig worden. Ik begeleid een vrouw waarbij we gesprekken voeren over zelfvertrouwen, grenzen stellen, goed voor zichzelf opkomen en hoe lastig ze dat af en toe vind. Totdat………

 

Ze valt direct met de deur in huis: ”Albert, ik ga voorlopig stoppen met de gesprekken die we hebben. Ik heb ze nu even niet nodig.”

“Dat klinkt goed”, antwoord ik haar, “en mag ik weten wat er veranderd is waardoor je de gesprekken niet meer nodig hebt?’

“Ik ben zwanger en ga alle aandacht en energie die ik heb, richten op mezelf. Het is voor de baby heel belangrijk dat ik goed voor mezelf zorg. Ik weet precies wat ik wil en het gekke is dat de onderwerpen waar ik moeite mee had en waar we het in onze gesprekken over hadden, nu niet meer spelen.”

“Wat mooi voor jullie dat er weer een kleine op komst is”, antwoord ik haar, “van harte gefeliciteerd! Zowel met je zwangerschap als voor het feit dat je de essentie van onze gesprekken nu zomaar in de praktijk toepast. Echt geweldig dat de zwangerschap je dit zo duidelijk maakt.” Het blijft even stil aan de overkant van de tafel. “Maar als ik volgend jaar mezelf weer eens wegcijfer of mijn grenzen niet aangeef bij een nieuw project op mijn werk, dan heb ik misschien je hulp wel weer nodig”, repliceert ze.

Dit ontlokt een glimlach op mijn gezicht. “Hoezo dan?’ vraag ik haar, “je begrijpt de essentie van wat nodig is precies. Je verwoordt het exact. Een zwangerschap en een baby krijgen is ook een soort project. Door alle natuurlijke processen en hormonen volg je precies de natuur en zorg je optimaal voor jezelf zodat het de baby goed zal gaan. Eerst goed voor jezelf zorgen, waardoor je ook optimaal voor de ander kunt zorgen. Dus maak een soort mentale screenshot van dit wonderbaarlijke natuurlijke vermogen wat jouw zwangerschap je geeft, want dat is precies wat je nodig hebt om optimaal te functioneren in elke andere situatie”.

Ze lacht me toe, “ja , dat zou wel het gemakkelijkst zijn en dat wil ik ook wel. Het is fijn om weer zwanger te zijn, vooral omdat mijn focus nu zo duidelijk bij de baby ligt en daardoor bij mijn eigen gezondheid en welbevinden. Ik vind het idee dat mijn zwangerschap en de baby krijgen ook een soort project is wel een mooie metafoor. Wat ik nu kan zou ik altijd wel willen. Grappig die vergelijking van een screenshot maken van hoe ik me nu voel en hoe ik nu handel en dat me dat dus kan helpen als de baby er straks is en ik weer wat minder gebruik maak van moeder Natuur. Gek eigenlijk dat ik nu zo goed weet en voel wat ik nodig heb en dat ik dat straks misschien wel weer vergeet”.

“Ja, best gek en ook gaaf die wonderbaarlijke natuurlijke vermogens van ons  ”, antwoord ik.

 

Een kwartje valt soms ineens, waardoor zaken zich gemakkelijk oplossen. We hoeven ons slechts onze natuur te volgen en soms weer herinneren, eventueel met “een mentale screenshot”.

Advertenties

Ze is een zeer gewetensvolle vrouw die altijd haar uiterste best doet de ander ter wille te zijn. Ze is lang en heeft een donkere oogopslag. Haar energie is zacht en een tikje dromerig. Jaren heeft ze gewerkt als P&O adviseur. Een half jaar terug is ze ontslagen. Ze voldeed niet meer aan het nieuwe profiel. De nieuwe P&O medewerkers dienen assertief en proactief te zijn. Haar grootste gebrek was haar dienstbaarheid en haar hulpvaardigheid.

Ze mocht iemand kiezen om haar te helpen een nieuwe baan te zoeken en het verdriet te verwerken. Zo kwam ze bij mij terecht.

Ze vertelt me dat ze te lief is en grenzen wil leren stellen en assertiever worden. “Hoezo te lief?” vraag ik, “wat is er dan mis met lief zijn?”“Volgens mijn manager geef ik mensen te gemakkelijk hun zin en houden ze daardoor geen rekening met mij en de belangen van ons bedrijf.  Hij vindt dat ik hierdoor niet geschikt ben voor P&O werk en ik denk dat hij misschien wel gelijk heeft. Ik moet assertiever worden.”

We gaan aan de slag en onderzoeken haar leervraag. Uiteindelijk komen we er achter dat ze, ongeacht welke baan ze heeft, weer dienstbaar en hulpvaardig zal en wil zijn. Dit zijn haar kwaliteiten en het is belangrijk voor haar dat ze die kan inzetten.

Uit ons gesprek blijkt dat als iemand emotioneel  of dominant overkomt, ze als beschermingsmechanisme in gedachten een soort kamertje creëert waar ze heen kan vluchten. Ze houdt van harmonie en bij disharmonie is dat haar uitweg.  Dit kamertje is stevig begrensd met sterke muren en voelt veilig aan. Het lijkt dan of ze er niet meer is, zodat de mensen om haar heen minder rekening met haar houden. Iemand die er niet is doet er minder toe.  Ze laat van alles over haar heenkomen en zaken aan haar voorbij gaan door haar afwezigheid.

Assertiviteit heeft ze niet nodig en ze hoeft ook geen grenzen te stellen. Ze begrenst zichzelf eerder te veel.  Ze kan haar grenzen en muurtjes beter op heffen en te voorschijn te komen met de kwaliteiten die ze wel heeft, zodat ze gezien wordt. Door aanwezig en in contact te zijn kan ze lief en hulpvaardig naar zichzelf en de ander zijn. Dan is ze in balans met haarzelf en wat ze organisaties kan brengen.

Zodra in ons gesprek haar dit duidelijk wordt valt het kwartje.  “Wat ben ik hier blij mee, want het voelde al zo raar om assertief te moeten doen en grenzen te trekken. Het is alsof er een blok van mijn hart valt. Ik weet niet of het me direct lukt om niet meer naar mijn gedachtekamertje te vluchten, maar ik zal er op letten en er voor zorgen dat ik aanwezig ben.”

Ik was geraakt door deze zachte en lieve vrouw.  Wat een verademing als mensen die zogenaamd te lief zijn te voorschijn komen. Hoezo te lief? We mogen oneindig veel liever zijn naar onszelf en de ander. Vrede op aarde:)

Femmie heeft er de laatste tijd last van dat opmerkingen en gebeurtenissen haar nogal raken. Ze begrijpt niet hoe dit kan. Het is net of ze vroeger wat beter kon relativeren dan nu. Alles komt zo heftig binnen. Ze is nu alweer een aantal jaren hard met zich zelf in de weer om te ontdekken wie ze is en wat ze wil. Op haar geheel eigen wijze heeft ze flink aan haar eigen ontwikkeling gewerkt. Ze heeft het gevoel veel opener te zijn,  haar mening spreekt ze beter uit en ze komt tegenwoordig beter op voor zichzelf. Wat ze alleen nogal lastig vind, is dat doordat ze de dingen beter doorziet, ze zich ook alles wat meer aantrekt. Neem nu bijvoorbeeld haar zuster. Vroeger adoreerde Femmie haar. Haar zus was er altijd en nam een deel van de opvoeding en verzorging van haar moeder over. Haar oudste zus regelde heel veel zaken binnen het gezin. Vaak wist ze te bemiddelen en zorgde dat ieder gezinslid zich prettig voelde.  Maar de laatste tijd doorziet Femmie dat een deel van het gedrag van haar zus bestaat uit manipulatie. Femmie vindt het belangrijk dat haar moeder met de kerst niet alleen is en besluit dit met de broers en zus te overleggen. Zoals altijd neemt haar oudste zus het regelen al vrij snel over. Uiteindelijk heeft ze het zo geregeld dat Femmie en haar broer voor moeder zorgen en zij zelf met de kerstdagen geen familie afspraken heeft. Femmie besluit er wat van te zeggen, maar zus lief draait het direct om door te zeggen: ‘Hoezo klaag je nu? Het lijkt wel alsof je de kerst niet samen met moeder door wil doorbrengen. Je moet toch blij zijn dat jij de eerste kerstdag met moeder  door kan brengen.’ Door deze opmerking raakt Femmie volledig van slag. Ze vindt het gemeen van haar zus. Ze komt er steeds meer achter komt hoe haar zus dit doet en ze probeert zich er wel voor af te sluiten maar dat lukt niet echt. Vooral omdat ze de laatste tijd overal om zich heen mensen meemaakt die op dezelfde manier konkelen en bezig zijn met hun eigen belang. Femmie wordt er misselijk van.

Op een dag zit ze te kletsen met een spontane, verfrissende jongeman die net in haar team is komen werken. Zijn naam is Alex. Hij is open en ongedwongen. Ineens steekt ze haar hele verhaal af. Hij luistert en na haar relaas zegt hij:’ Volgens mij is je zuster niet veranderd en al die andere mensen ook niet. Ik geloof dat jouw ogen geopend zijn en de dingen die gebeuren nu beter kan zien.’  ‘Hoe bedoel je?’ vraagt ze. ‘ Je ziet nu heel scherp wat er gebeurt en hoe je zus handelt. Vroeger keek je met andere ogen naar je zus. Je zag alleen de positieve dingen. Dus zag je alleen datgene wat je wou zien. De rest kon je niet zien. Het probleem is dat je nu met een hele scherpe blik te veel focust op het negatieve. Je kijkt met een haviksblik en dat is waar je tegen aan loopt op dit moment.’ Femmie trekt haar wenkbrauwen omhoog en vraagt opnieuw:’ Hoe bedoel je dat?’ Alex legt uit dat ze een valkuil heeft gecreëerd door in plaats van de roze bril op te zetten, nu de haviksbril heeft opgezet. Hij vergelijkt het met een sterk vergrootglas waarmee je naar een gezicht kunt kijken. Het gezicht van zelfs de knapste persoon wordt dan een soort van maanlandschap. Hij stelt Femmie voor om zich af te vragen wat er gebeurt als ze wat meer gaat uitzoomen. Dus in plaats van de haviksblik met de ogen van een paard te gaan kijken. Paarden kijken niet gedetailleerd maar zien de hele omgeving. Ze kijken als het ware met zachte ogen.

Tijdens dit relaas vullen Femmie haar ogen zich met tranen. ‘ Ik denk dat ik het begrijp’, snottert ze ‘ik zie net als vroeger maar een klein deel van het hele spectrum. Ik mag ook de positieve kant van mijn zus niet vergeten. Alles hoort er bij, het mooie en minder mooie. Ik probeerde steeds maar mijn negatieve gedachten los te laten maar dat lukte me maar niet. Dat kon ook niet zolang ik door het vergrootglas bleef kijken.’ ‘Precies’, beaamt Alex ’je hoeft ook niks los te laten. Als je alles van een ander kunt zien vul je het gehele spectrum van diegene en ontstaat er evenwicht en dus neutraliteit. Je ziet een compleet mens met alle mooie en slechte kanten.’Femmie begint te stralen en realiseert zich dat ze nu ineens Alex ook heel anders ziet. Hij is meer dan alleen een jong en nieuw teamlid. Ze is stomverbaasd over zijn inzicht en levenswijsheid. Wie had dat kunnen denken? Ineens schaamt ze zich, want ze heeft best een aantal mensen om zich heen tekort gedaan met haar haviksblik. Ze besluit voortaan, naast haar scherpte, ook met zachte ogen te kijken om het hele spectrum van ieder mens goed te kunnen waarnemen.

“De resultaten vallen weer tegen. Hoe komt het toch dat mijn medewerkers hun verantwoordelijkheid niet pakken?” vraagt Bert, een directeur van een groot bedrijf, zich af tijdens het avondeten. “Ze gaan er niet voor, ik mis hun betrokkenheid en motivatie. Volgens mij moet ik ze veel harder aanpakken en meer afrekenen. Ze mogen blij zijn dat ze werk hebben. Maar nee hoor ze werken de boel ook nog eens tegen. Ik ben er inmiddels klaar mee”. Met stijgende verwondering volgt zijn gezin dit relaas. “Ik begrijp die medewerkers van jou wel hoor papa”, zegt zijn 17 jarige dochter Jolanda, “op je werk ben je gewoon af en toe een nare vent. Je zeurt maar over prestaties en deadlines en ook ben jij bang dat ze hun werk niet goed doen. Dan is het toch logisch dat ze voorzichtig gaan doen en afwachten tot jij zegt hoe het moet. Jouw probleem is dat je gewoon niet van die mensen houdt.”

“ Lieverd, wat is dat nu voor iets geks, natuurlijk hou ik niet van die mensen dat is toch logisch? Die mensen werken gewoon voor mij en worden betaald voor wat ze doen.” “Papa je bent echt een gekke lieverd die nu onzin uitkraamt en niks begrijpt van wat je ons altijd geleerd hebt. Jij zegt altijd dat je van je werk houdt. Dan houd je dus ook van de mensen die voor je werken. Zij horen bij je werk. Houden van elkaar is de sleutel voor zelfvertrouwen en succes roep je tegen ons.

Dat vind ik ook logisch want je zegt altijd dat je heel veel van ons houdt en ons vertrouwt. Hierdoor heb ik heel veel zelfvertrouwen gekregen en gaat het zo goed op school. Je zit me niet achter de broek aan en controleert me ook nooit. Jij hebt altijd gezegd dat ik mijn kansen moet pakken en moet gaan voor de dingen die ik leuk vind en graag wil. Je zegt dat het mijn eigen verantwoordelijkheid is om er iets van te maken. Als ik dan een goed cijfer heb of iets anders leuks heb meegemaakt vertel ik je dat en jij luistert dan en geeft me dan altijd een compliment en vertelt me hoe trots je op me bent. Dat vind ik leuk en vroeger hielp me dat als ik eens geen zin had. Nu hoef je dat niet meer te zeggen want ik weet wat ik wil en ik geniet ervan als ik weer iets moeilijks heb gedaan en het is me gelukt.

Soms heb ik geen zin of doe ik wat stoms, dan geef je me op de donder, maar dat vind ik niet erg want ik weet dat je van me houdt en het beste met me voor hebt. Natuurlijk doe ik dan wel boos terug maar ik weet dat je dat wel logisch vind. Dan praten we het uit, en jij zegt dan altijd dat we daar van leren en onszelf zo verbeteren.

Dus pap op je werk moet je op dezelfde manier handelen. Je mensen heel veel liefde, complimenten en vertrouwen geven. Dan voelen ze zich gewaardeerd door jou en als je ze dan op hun donder moet geven vinden ze dat niet erg. En als jij iets stoms doet moeten ze ook net als mij gewoon ruzie met je maken. Ik weet dat je dat niet erg vind. Bij een paar van mijn vriendinnen is dat echt wel anders. Die kunnen thuis niks zeggen. Hun zelfvertrouwen is ook veel minder en ze doen daardoor minder hun best, ze denken dat ze hun ouders daarmee hebben, maar ze hebben zichzelf ermee. Bij jou op het werk doen de mensen hetzelfde als die vriendinnen. Ze voelen niet dat je hun waardeert en van ze houdt, dus gaan ze je tegenwerken. Dus papa je moet de mensen die voor je werken net zo’n opvoeding geven als ons, dan heb je gegarandeerd meer succes dan nu, kijk maar naar je eigen kinderen”.

Bert kijkt ontroerd naar zijn dochter en realiseert zich dat ze hem zojuist het mooiste cadeau heeft geven dat er bestaat. Hij weet wat hem te doen staat.

Wim is een beginnende manager. Hij doet enorm zijn best en wil het zijn mensen graag naar de zin maken. Zijn mensen maken daar ongewild nogal eens misbruik van. Langzaam maar zeker verandert de sfeer in zijn team. Zijn directeur merkt dit op en nodigt hem uit voor een gesprek. Ze besprekende problematiek en de directeur stelt voor dat Wim zich laat coachen. Wim gaat op het voorstel in en na een aantal coachgesprekken begint hij meer inzicht in zijn gedrag te krijgen. Hij is erg tevreden over zijn coach omdat hij het idee heeft dat de gesprekken hem helpen. Na een gesprek of tien heeft Wim het idee dat hij voldoende bagage meegekregen heeft om zijn team goed aan te kunnen sturen.

Helaas loopt het anders. In zijn hoofd heeft hij zijn inzichten goed op een rijtje. Maar de praktijk is veel weerbarstiger. Op de een of andere manier lukt het hem niet zijn mensen eens flink aan te spreken op hun gedrag. Hij weet dat hij aardig gevonden wil worden, maar weet ook dat hij door zal moeten pakken. Toch laat hij het afweten en hierdoor gaat het volslagen mis. Er ontstaat steeds meer wrevel en gedoe in zijn team. Daarnaast klagen zijn collega managers bij de directeur, maar stappen niet  rechtstreeks op hem af. Ook de directeur ontwijkt hem en is zeer afstandelijk. Wim heeft het gevoel volledig alleen te staan.  Dat raakt hem erg en hij weet even niet meer hoe hij hier uit moet komen. Hij heeft het idee dat hij in een heel diep gat aan het vallen is.

Op vrijdag avond sleept zijn vrouw hem mee naar een  bijeenkomst van haar werk. Zij hebben daar net een fantastisch ontwikkeltraject afgerond. Vanavond is  de feestelijke afronding. Ieder team geeft een ludieke presentatie van wat zij hebben gedaan. Ondanks zijn ellende moet Wim toch wel vaak smakelijk lachen. Na afloop van de presentaties is er nog een feestelijke borrel. Bij toeval komt hij met zijn vrouw bij de twee snuiters te staan die het traject hebben begeleid. Beide mannen manifesteren zich nadrukkelijk en hanteren een scherpe en prikkelende humoristische manier van praten. Na een poosje valt hun oog op Wim en vrijwel  tegelijk zeggen ze:”He hallo meneer, u kennen  we nog niet”. Ze stellen zich voor als Matthe en Derk.  Matthe kijkt hem indringend aan en vraagt of hij wel genoten heeft. Wim knikt en antwoordt bevestigend. Nu bemoeit Derk zich er ook mee en zegt tegen  Wim  dat zijn gezichtsuitdrukking en houding iets anders vertellen. Dan gebeurt er iets bijzonders bij Wim, op een wonderbaarlijke manier raakt de belangstelling van deze twee mannen hem. Hij begint zomaar spontaan te vertellen over zijn werksituatie. Matthe en Derk luisteren naar zijn verhaal. Hij voelt zich zowaar opgelucht. Tot zijn stomme verbazing beginnen ze te lachen en zeggen ze dat zijn verhaal heel herkenbaar is en vaak voorkomt in organisaties.

Ze leggen Wim uit dat het niet specifiek zijn probleem is maar het probleem van de gehele organisatie. Zijn directeur en collega managers durven hem ook niet op zij gedrag aan te spreken en doen dus hetzelfde als wat ze Wim verwijten. Ze geven ook aan dat zijn directeur een duidelijke opdracht had moeten verstrekken aan zijn coach en hem, met daarbij een duidelijke opgave van wat bereikt had moet worden.  Nu is het een soort privétraject geworden. Volgens Derk en Matthe moet alles wat je in een organisatie doet aan elkaar verbonden zijn: De directeur, zijn collega managers en zijn eigen team hadden allemaal medeplichtig gemaakt moeten worden aan het leertraject van Wim. Dan waren de huidige problemen wellicht niet ontstaan.

Wim voelt zich merkwaardig opgelucht. “Maar wat kan ik hier nu mee?”  vraagt hij. “Wat wil je”? vraagt Matthe. ” Dit gewoon aan mijn directeur vertellen en er mee aan de slag gaan”, antwoordt Wim.

Die maandag gaat Wim naar zijn werk en tijdens het maandagochtend overleg vraagt hij zijn directeur en collega’s waarom ze hem ontwijken en niet aanspreken als ze zaken zien die hij verkeerd of onhandig doet. Terwijl hij dit verteld is er een soort geraaktheid in zijn stem die een diepe indruk maakt op zijn collega’s. Ze begrijpen niet wat ze meemaken. Is dit dezelfde Wim als vorige week? Ze vragen wat er gebeurt is en Wim vertelt over zijn ontmoeting met die twee zeer bijzondere snuiters die in de gaten hadden dat hij niet lekker in zijn vel zat en hem wakker geschud hebben. Iedereen is onder de indruk van zijn verhaal en de manier waarop hij dit brengt.  Zijn directeur in het bijzonder. Deze schudt zijn hoofd  en zegt: ”Ik vind het erg confronterend wat je vertelt, maar het klopt wel wat ze tegen je hebben gezegd . Mijn excuses , we gaan dit heel anders aanpakken”.

Twee maanden later is de sfeer in het team van Wim volledig anders. Ze hebben indringend met elkaar gesproken en Wim wordt nu geaccepteerd. Hij blijft een lieverd maar durft zijn mensen nu wel aan te spreken. Ook in het managementteam is er veel veranderd. Er is meer openheid en een grote bereidheid om van elkaar te leren. Dat alles door een korte en heftige ontmoeting op een bijeenkomst van het werk van zijn vrouw. Wim heeft nog steeds het idee dat het dankzij die twee snuiters komt.

Wat hij nog niet heeft ontdekt,  is dat hij en hij alleen de hefboom was voor de grote verandering in zijn organisatie. Hij heeft de moed gehad zich werkelijk open te stellen, zijn geraaktheid te tonen en zijn worsteling te delen met zijn collega’s  zonder zijn verantwoordelijkheid te ontkennen. Hierdoor heeft hij zijn collega’s  weten te raken en door deze aanraking is er een oprechte verbinding tot stand gebracht. Door zichzelf te laten zien heeft hij onbewust de anderen ook toestemming gegeven zich te laten zien en zich met elkaar te verbinden.

De prins is wakker gekust. Hij heeft de kus doorgegeven.

 

Afgelopen week moest ik naar ziekenhuis de Tjongerschans voor een onderzoekje. Ik had ergens nog een ponskaartje liggen en met dat kaartje in de aanslag toog ik richting de eerste de beste balie die ik zag toen ik binnenkwam.

“Heeft u al een patiëntenkaart?” vraagt de mevrouw achter de balie. Ik toon enthousiast mijn ponskaartje. “Nee meneer die gebruiken we niet meer,” zegt de dame.

 “Doet u me dan maar een nieuwe.“ Maar dat blijkt daar niet te kunnen bij die balie. De aardige mevrouw vertelt me dat ik naar de inschrijfbalie moet die een eind verderop in de hal is. Vol goede moed loop ik er naar toe. In de verte ontwaar ik twee dames in een soort van uniform. Het is er niet druk, sterker nog, er is geen kip te bekennen. “Aha, dat komt mooi uit. Die dames vervelen zich vast en zullen blij zijn dat ze iemand kunnen helpen.” Bij de balie aangekomen meld ik me met de woorden:”Hallo, hier ben ik om me in te schrijven.” De oudste van de twee kijkt me vernietigend aan en zegt: “U heeft niet op de knop gedrukt, daardoor heeft u geen nummer en kunnen we u niet helpen.”  Ik kijk haar aan of ze me niet voor de gek houdt. Nog steeds kijkt ze me bloedserieus aan. “Waar is de verborgen camera?” vraag ik haar lacherig. “Nee meneer, u moet op die knop daar drukken,” is haar antwoord. Ik kijk om en zie een metertje of zes, zeven terug een soort plateau. Ik loop terug en met een theatraal armgebaar druk ik de daar aanwezige knop in. Op dat moment trekt de mevrouw een microfoon tevoorschijn en roept het nummer om. Ze kijkt hierbij nog steeds bloedserieus. Hierop krijg ik een onbedaarlijke lachstuip en ik moet me echt zelf in de hand houden om niet over de grond te rollen van het lachen. Twee zeer gekwetste dames kijken met een strak gezicht in mijn richting. Ik vraag nogmaals of ze wel zeker weten dat er geen camera ergens verstopt is. Het lijkt wel een slapstick waar ik in terecht gekomen ben; fantastisch om dit mee te mogen maken. Terug aan de balie vragen ze om mijn identiteitsbewijs. Ik vraag of een rijbewijs ook mag. Dat mag en dan gebeurt het……

Vraagt die strenge mevrouw me of ik even in de camera wil kijken.” Zie je wel” roep ik uit,” candid camera!” De blik die me dan wordt toegeworpen laat me bijna bevriezen. “Nee”snauwt ze bijna, “we moeten een foto van je hebben.” Ik kijk om me heen en vraag waar de fotograaf dan is. Dit was bijna teveel van het goede voor haar en met een heftig gebaar wijst ze naar een soort bol op een flexibel stuk draad. Ik kijk even heel goed en zie dat er een camera in verscholen gaat. Het is een soort webcam. “Zeker weten dat u dit niet allemaal toch stiekem opgenomen hebt?” vraag ik haar nog steeds erg lacherig. “Meneer kijkt u nu maar in de camera,” bitst ze me toe.

Braaf deed ik toen maar wat me gevraagd werd. En ik realiseerde me dat humor en frustratie dicht bij elkaar kunnen liggen. Ik maakte onbewust de keuze om er vanuit humor naar te kijken en heb een geweldige middag gehad. De dames die zo stringent hun regels volgden kijken hier ongetwijfeld anders tegen aan. Of dit ziekenhuis op deze manier hun klantgerichtheid wil tonen door mij een dosis zeer gezonde humor te bezorgen en zo mijn gezondheid een boost te geven waag ik te betwijfelen. Maar lachen was het zeker.

Ik kreeg een telefoontje van een deelnemer. Hij had altijd nogal wat moeite met me gehad. Hij vertelde me dat hij zijn weerstand richting mij kwijt was geraakt. “Je was er om mij te herinneren dat ik mijn weerstand moest onderzoeken. Dat die weerstand niks met jou te maken had maar met mijn onvermogen dat te doen wat ik jou zag doen. Voluit ergens voor gaan. Geen blad voor de mond nemen. Ik weet nu dat ik het op mijn manier mag doen en blij met mezelf  mag zijn. Nu zie ik dat mijn manier net zo waardevol is als de jouwe alleen realiseerde ik me dat niet. Ik richt me nu op wie ik ben en wat ik wil en  ben ik blij met mezelf.” 

Deze reactie raakte mij diep en ik realiseerde me: Geluk is onszelf accepteren en het leven actief beleven met alles erop en eraan.

Advertenties